osbexact.nl


Het ontstaan van de wereld

Inleiding

Het verhaal “Het ontstaan van de wereld volgens de Germanen” is een mythe; een godenverhaal. Godenverhalen uit Scandinavië zijn niet zo bekend. De Noormannen uit dat gebied waren afstammelingen van de Germanen. Je kent ze misschien uit de geschiedenislessen. Deze Noormannen hebben elkaar vast wel eens dit verhaal verteld. Het is rond het jaar 1300 opgeschreven op IJsland. Het boek waarin veel Germaanse godenverhalen staan, heet de Edda.

Het ontstaan van de wereld volgens de Germanen.

In het begin was er alleen maar een reusachtige en donkere afgrond. Een reusachtige ijsmassa schoof vanuit het noorden naar de afgrond. Vanuit het zuiden kwam een groot en laaiend vuur. Bij de afgrond ontmoetten de ijsmassa en het vuur elkaar. Uit het smeltende ijs ontstonden de eerste levende wezens: de reus Ymir en een koe. Toen die koe aan het ijs begon te likken, ontstonden meer levende wezens, maar ook goden.

Die eerste goden vermoordden de reus Ymir. Van het lijf van de reus maakten de goden de aarde. Van zijn bloed vormden zij de zeeën. Uit zijn beenderen werden de bergen gemaakt. En van het krulhaar van de reus kwamen alle bomen en planten. De schedel van de reus werd de hemel, die omhoog gehouden werd door de dwergen Nordri, Ostri, Sudri en Vestri. De namen van deze dwergen herken je in de windstreken noord, oost, zuid en west. Tenslotte veranderden de goden de hersenen van de reus in wolken.

Toen alles klaar was zat de wereld nogal ingewikkeld in elkaar: Ze bestond uit drie lagen. Op de bovenste laag woonden de goden in hun kasteel Asgard. Asgard betekent godentuin. In de bovenste laag bevond zich ook het Walhalla. Daar mochten de strijders wonen die in de oorlog waren omgekomen.

Op de middelste laag woonden de mensen. Deze laag heette Midgard. Midgard betekent middentuin. Deze Midgard was een platte schijf, omgeven door zee. Die zee werd bewaakt door een reusachtige slang. Die slang beet in zijn eigen staart en omspande met haar lijf het hele Midgard. De goden maakten de eerste mensen uit twee blokken hout. Deze mensen waren Ask en Embla. Toen de goden bezig waren met het inrichten van Midgard, groeiden er uit de gedoodde reus Ymir allerlei wezens, die op wormen leken. Deze donkere en gevaarlijke wezens moesten onder de grond wonen. Ze heetten dwergen, trollen, gnomen en kobolden. Overdag mochten ze nooit naar boven komen. Als ze dat toch deden werden ze veranderd in steen. De wezens die goed, mooi en nuttig waren, heetten elfen en feeën. Zij mochten wonen in het luchtgebied tussen Asgard en Midgard. Tussen Asgard en Midgard liep de regenboogbrug. Over deze brug kwamen. en gingen de goden op hun weg van Asgard, de godentuin, naar Midgard de middentuin.

De onderste laag was Niflheim. De wereld van kou, duisternis en dood. Hier bevonden zich Helheim (de hel) en Gimle (de hemel). Boze wezens werden na hun dood naar Helheim gestuurd, maar de rechtvaardigen kwamen uiteraard in Gimle.

De hele wereld werd gedragen door een reusachtige boom. Een es met de naam Ygdrasil. De takken van deze boom hielden de drie lagen Asgard, Midgard en Niflheim in evenwicht. De levensboom Ygdrasil had drie wortels. Bij de eerste wortel woonden Verleden, Heden en Toekomst. Uit de tweede wortel kwam de wijsheid en uit de derde het voedsel.

Opdrachten

  1. Lees het verhaal nog eens door. Maak daarna een tekening van “De wereld volgens de Germanen”: De boom Ygdrasil als een soort flatgebouw van drie verdiepingen. De tekening mag ook een soort schema worden. Natuurlijk zet je er de verschillende namen bij.
  2. Schrijf op wat jij van dit verhaal vindt.
  3. Maak een tekening van de zon, de planeten en de sterren. Probeer in te tekening te laten zien hoe jij denkt wat er in het midden is. Teken met pijltjes hoe de planeten draaien. (Je mag in plaats van een tekening ook met woorden alles uitleggen. Niet meer dan 15 zinnen.)
  4. Hoe denk jij over het ontstaan van de zon, de planeten, de sterren en over het ontstaan van alles wat op de aarde leeft. (Niet meer dan 15 zinnen.) Je mag er ook bij tekenen.
  5. Wat zijn jouw vragen over de zon, de planeten en de sterren? Wat wil jij te weten komen over het heelal, de maan, ruimtevaart, astrologie, sterrenbeelden, ufo’s en science fiction?