Dichtheid
Opgave 1
Liza doet 30 ml water in een maatglas. In het water laat zij een kiezelsteen zakken. De inhoud van het maatglas is nu 32 ml. Bereken het volume van de kiezelsteen.
Opgave 2
Bereken het volume van de balk in onderstaande figuur.

Opgave 3
Je krijgt een blokje messing en een blokje koper. Je kan er achter komen welk blokje van welk materiaal gemaakt is door de dichtheid te bepalen.
- Schrijf op welke benodigdheden je nodig hebt om de dichtheid te bepalen.
- Schrijf een duidelijk stappenplan op (werkwijze) om de dichtheid te bepalen
Opgave 4
Een blok vurenhout weegt 4,8 kilogram.
| Stof | Dichtheid (g/cm³) |
|---|---|
| hout (ebben) | 1,3 |
| hout (eiken) | 0,8 |
| hout (vuren) | 0,6 |
Wat is het volume van dit blok?
Opgave 5
| Stof | Dichtheid (g/cm³) |
|---|---|
| beton | 2,1 |
Wat is de massa (in gram) van 1 kubieke meter beton?
Opgave 6
Cola bestaat voor het grootste gedeelte uit water.
| Stof | Dichtheid (g/cm³) |
|---|---|
| waterdamp | 0,000598 (T=373K) |
| ijs | 0,917 |
| water | 1,000 |
| zeewater | 1,024 |
Leg uit of ijsblokjes blijven drijven in cola.
Opgave 7
Een blokje ebben hout weegt 50 gram en heeft een volume van 40 cm³.
Leg uit of dit blokje blijft drijven op water.
Opgave 8
Een plastic jerrycan met 3 liter olie heeft een massa van 2,7 kg. De lege jerrycan weegt 300 g.
Wat is de dichtheid van de olie?
Opgave 9
De volgende informatie staat op een doos ijs.

Wat is de dichtheid van dit ijs?
Opgave 10
Op een fles ketchup staat de volgende informatie.
Leg uit of de ketchup blijft drijven op water?